Tom kan weer ‘ gewoon’ kind zijn

Tom is boos
Ik heb een afspraak met Lia, een leuke vrouw van 31 jaar. Ze is gescheiden en het contact met haar ex-man verloopt moeizaam. Ze heeft een dochter van 3 en een zoon van 5 jaar. Haar zoon Tom is de laatste tijd erg boos. Lia maakt zich zorgen om hem, want voorheen was Tom een heel rustig kind. Ook weet ze niet goed hoe ze met Tom’s boosheid om moet gaan. Ze komt naar Praktijk Trotse Moeders, omdat ze een oplossing wil vinden. Ze hoopt dat een opvoedopstelling kan helpen.

Lia’s diepe wens
In het intakegesprek van een week eerder heeft Lia verteld op welke momenten Tom boos wordt en hoe hij zijn boosheid laat zien. Ook heeft ze uitgelegd hoe zij daarop reageert en hebben we samen ontdekt welk effect haar reactie op haar zoon heeft.  Toen ik Lia vroeg wat haar diepe wens in deze situatie is, hoefde ze daar niet lang over na te denken: een fijn contact met Tom, weer echte verbinding voelen.

Gezin en familie
Tijdens deze tweede afspraak gaan we de situatie van Lia ‘opstellen’. We starten met een kort gesprek over Lia’s familie. Hierbij gaat het vooral om de feitelijke gegevens: uit welke personen het gezin en de familie van herkomst bestaan en of er bijzonderheden zijn zoals ziekte, miskraam of andere heftige gebeurtenissen.

Plaats van Lia, haar zoon en haar ex-man
De opvoedopstelling wordt gedaan door middel van vloertegels in verschillende kleuren en maten. De ronde tegels representeren vrouwen/meisjes, terwijl de vierkante tegels gebruikt worden voor de mannen/jongens. Ik vraag Lia een vloertegel te kiezen voor haarzelf, haar zoon Tom en haar ex-man, en die tegels intuïtief in de ruimte te leggen. Dat is de situatie zoals Lia hem ervaart.

Te grote verantwoordelijkheid
Als Lia op haar plek staat en de andere personen ‘ziet’, komt er emotie bij haar los. Uit de opvoedopstelling blijkt dat Lia erg verdrietig is over de scheiding en dat ze daarvoor onbewust steun zoekt bij haar zoon. Tom is loyaal aan haar en probeert die steun inderdaad te geven. De verantwoordelijkheid die hij voelt, is echter veel te groot voor hem. Hij reageert dat af door zijn boze buien. Dit is een groot inzicht voor Lia: Tom is 5 jaar; hij heeft als kind zélf steun van zijn moeder (én vader!) nodig. Op een mooie symbolische wijze wordt de ‘last’ die  Tom droeg naar de juiste plaats gebracht en geeft Lia hem als moeder de steun die hij nodig heeft. Nu kan Tom weer ‘gewoon’ kind zijn in plaats van een ‘te groot’ kind.

Het vervolg ..………
Door de opvoedopstelling is Lia’s houding veranderd. Ze draagt nu zelf de verantwoordelijkheid voor haar emoties en dit voelt, tot haar verbazing, krachtig. Daardoor kijkt ze ook op een andere manier naar de situatie. Tom merkt (zelfs zonder dat hij daadwerkelijk bij de opstelling aanwezig was), aan Lia’s houding dat er iets essentieels verschoven is in hun relatie. Hij hoeft nu niets meer van zijn moeder ‘te dragen’, waardoor hij weer gewoon kind kan zijn. Natuurlijk is hij nog weleens boos, dat is normaal voor kinderen van die leeftijd. Maar zijn boosheid komt niet meer voort uit het meedragen van een te zware last.

Marga van Holsteijn
Praktijk Trotse Moeders